Opzoeken



Opzoeken is de plek waar je terechtkunt als je een vorm leest of hoort en wilt weten wat het is. Open het via het pictogram Opzoeken in de werkbalk van het startscherm of het scherm Zelfstandig studeren, via Opzoeken onder Hulpmiddelen op het scherm Zelfstandig studeren (iPhone en iPad), of via Opzoeken in de zijbalk (Mac).
Er zijn twee modi. De modus Woord zoekt één vorm op in de cursus die je studeert. De modus Zin, alleen in het Latijn, ontleedt een hele zin en benoemt elk woord; de handleiding voor de cursus Latijn behandelt die. In de andere cursussen is er geen moduskiezer: het scherm is dan de modus Woord.
De modus Woord
Typ minstens twee tekens. Er wordt gezocht terwijl je typt, en alle items die beginnen met wat je hebt getypt, worden gevonden:
- Hoofdletters maken niet uit — DAR vindt dar.
- Accenten en macrons zijn optioneel — dio vindt dió, amico vindt amīcō. Typ je wel een accent, dan telt dat mee: dió vindt dio dan niet meer.
- Voorvoegsels werken — trab vindt trabajar en de vervoegde vormen ervan.
- Betekenissen werken ook — een woord in je apptaal, of in het Engels, vindt items met een vertaling die een woord bevat dat ermee begint. De gevonden betekenis staat bij de rij.
De resultaten zijn gegroepeerd onder Werkwoorden, Zelfstandige naamwoorden, Bijvoeglijke naamwoorden, Bijwoorden, Uitdrukkingen en Andere woordenschat, elk met een aantal. Binnen een groep komen treffers op de vorm vóór treffers op de betekenis, en bij een heel korte zoekterm worden alleen ongeveer de eerste honderd resultaten getoond. Elke rij toont:
- de vorm, met het getypte deel gemarkeerd, en het woord waar die vorm bij hoort als dat anders is (één geschreven vorm hoort vaak bij meer dan één woord, of is meerdere vormen van één woord, dus reken op meerdere rijen);
- de vertaling;
- de grammaticale beschrijving — tijd en persoon, naamval en getal, geslacht.
Rijen met een werkwoord of zelfstandig naamwoord hebben een pijltje en openen het detailscherm van het woord: een werkwoord opent bij de tijd van de gevonden vorm, en bij een zelfstandig naamwoord wordt de gevonden vorm in de tabel gemarkeerd. Andere rijen zijn alleen om te lezen.
Als er niets wordt gevonden, meldt het scherm Geen treffers. Wisselen van cursus wist de zoekopdracht.