Ga naar inhoud

Voorzetsels

Voorzetsels

Voorzetsels

Voorzetsels

Elk Latijns voorzetsel regeert een vaste naamval, en die naamval leer je samen met het woord. Daar is het overzicht Voorzetsels op gebouwd. Je opent het via de tegel Voorzetsels op het scherm Zelfstandig studeren. De catalogus bevat 26 voorzetsels:

  • Accusatief: ad, ante, apud, circā, contrā, extrā, īnfrā, inter, intrā, ob, per, post, praeter, propter, super, suprā, trāns
  • Ablatief: ab, cum, dē, ex, prae, prō, sine
  • Beide: in en sub. De naamval bepaalt de betekenis. Met de accusatief drukken ze een beweging uit (in urbem, "de stad in"; sub montem, "naar de voet van de berg"). Met de ablatief drukken ze een plaats uit (in urbe, "in de stad"; sub monte, "aan de voet van de berg").

Configuratie: Selecteer voorzetselgroepen

Kies welke geregeerde naamval je wilt oefenen: Accusativus, Ablativus of allebei. In en sub doen mee zodra een van beide naamvallen is aangevinkt. Tik op ⓘ bij een naamval om erover te lezen en de voorzetsels ervan te zien.

Theorie: Grammatica van voorzetsels

Deze pagina behandelt de accusatiefgroep (beweging en doel), de ablatiefgroep (herkomst, middel, rust), de betekeniswisseling bij in / sub, en hoe je ze het best leert.

Studie: Naslag voorzetsels

Dit scherm toont de geselecteerde voorzetsels met hun vertaling; elke rij is gemarkeerd met de naamval (acc., abl. of beide). Je kunt zoeken op het Latijnse woord of op de vertaling. Het detailscherm van elk voorzetsel toont de Geregeerde naamval, het ERK-niveau en de frequentie. Bij in en sub geeft een tweede kaart, De naamval verandert de betekenis, de betekenis bij beweging en de betekenis bij plaats.

Oefeningen: Naamvalregime-oefening

Je ziet een voorzetsel met zijn vertaling en beantwoordt de vraag Welke naamval regeert dit voorzetsel? door Accusativus of Ablativus te kiezen. In en sub komen elk als twee afzonderlijke vragen voor. Bij de vraag staat de betekenis ("into / onto — motion toward" of "in / on — place where"), en die bepaalt het antwoord. Na elk antwoord legt een toelichting uit of de naamval bij dat woord vastligt of door de betekenis wordt bepaald.

Oefeningen: Betekenis van voorzetsel

Flashcards voor de betekenis van elk voorzetsel.